Essay

Van A.I. naar Artistieke Intelligentie

Vrienden uit de consultancy gebruiken het elke dag, voor iedere mail: AI. ‘Het fijne is dat ik de brij in mijn hoofd zonder na te denken neertyp en dat AI er vervolgens een samenhangend geheel van maakt’, zegt zo iemand. Dat is het grote voordeel van AI of kunstmatige intelligentie: snelheid verhogen en efficiëntie. Toen…

Proza

Letters Zijn Mijn Vrienden

De vrouw die aan het woord is, loopt door een ziekenhuiskamer. Ze is schrijfster en heeft een hersenbloeding gehad. Ze weet niet of ze nu aan het werk is en een boek schrijft of dat het de realiteit is. Ook weet ze dus niet of ze Pascalle fantaseert of dat zij er echt is. LAURIE…

  • Zomernummer

    Deze zomer een theaterspecial onder gastredactie van Don Duyns!

    Met toneelteksten van Maria Goos, Aska Hayakawa en Vlada Darenenkova, proza van Fester Vogels, poëzie van Asmae Amaddaou, Ko van den Bosch, Virág Szirony en Captain Beefheart & essays van Gerardjan Rijnders, Nina van Tongeren, Luuk Imhann, Bas Belleman, Bibi Roos en Sebbe Poll.

    Met fijne tekeningen van Sarah Jonker!

redactioneel

Deze maand

Ik zit aan het sterfbed van mijn moeder, in het dorp Huizen. Terwijl haar ademhaling regelmatig en rustig is, lees ik in de biografie van Harry Thompson over Hergé en Kuifje: ‘Despite all these enticing ingredients, however, there is something disappointing overall about The Broken Ear’. Ik raak zo verdiept in de avonturen van de…

Uit het archief

Essay

De vleespotten van Egypte

Tot hij in een Amsterdamse gracht viel en stierf, noemde iedereen hem Baba. Mijn vrouw gaf hem in Het Parool zijn naam terug: Jean-Paul Baba, opdat niemand deze innemende Burundese jongen, die zo veel ouder leek, zou vergeten.1 We regelden zaken voor Baba. Hij verkocht de daklozenkrant voor de supermarkt. Op het eind sloeg de…

Poëzie

Gedichten

voor Zachar Pavlovitsj ik heb een man gekend die aan zijn voeten voelde waar water was ook precies hoe diep gegraven moest tot het over de akkervloeren…

Proza

Op klaarlichte dag

Het is half twee ’s nachts. Mijn lakens ruiken muf. Ik heb wiskundebenen. Over een paar uur zie ik Bern. Op mijn vingers tel ik na wanneer ik hem voor het laatst gezien heb. Bijna vijf jaar geleden. Echt? Ik tel opnieuw. Ja, echt. Het is twee uur. Toch even weggedommeld. Ik droomde dat Bern…